Respecteier dien taal…. 29 (Jaor van de dialekte (5))

 

’t Jaor van de dialekte (5)

Onlangs werd de viering van het 90-jarig bestaan van de Vereniging Veldeke Limburg dat in het teken stond van ’t Jaor van de dialekte afgesloten.
En zoals het normaal is om na een belangrijk evenement te evalueren, zal dat uiteraard ook in deze column het geval zijn. Dit jubileumjaar mag zeker gezien worden als een jaar met nogal wat hoogtepunten. Maar helaas blijft er toch nogal ruimte voor een kritische beschouwing.

1.De openingsavond.

De openingsavond van dit jubileumjaar in Roermond (februari 2016) kon rekenen op een grote belangstelling van mensen uit allerlei geledingen en instellingen in de provincie. Een wel heel bijzonder punt was het gegeven dat onze gouverneur, de heer Th. Bovens, benoemd werd tot beschermheer van de vereniging. In zijn toespraak, aansluitend aan de aanvaarding, gaf hij, uiteraard in zijn eigen dialect, het Maastrichts, duidelijk zijn visie op het te volgen taal- en cultuurbeleid. Deze lezing is overigens integraal opgenomen in het Jaarboek 2016 van de vereniging dat onlangs verschenen is.

Duidelijk niet geslaagd was het cabaret van die avond dat over het algemeen onder de maat was en zeker niet paste bij het niveau van de jubilerende taal- en cultuurvereniging. Volgens plan zou dit cabaret een tournee maken langs de Veldeke-kringen, maar dit is niet gebeurd, zoals te verwachten was.

In Sittard daarentegen kregen we, in plaats van het zojuist genoemde cabaret, een culturele middag aangeboden rond de persoon Reubsaet. Een sterk nostalgische voorstelling, dat wel, echter qua teksten, zang, muziek en voordracht een bijzonder hoogstaande uitvoering.

Op de openingsavond van het jubileumjaar werd ook een studie over 90 jaar Veldeke gepresenteerd, geschreven door de historicus Luc Wolters, in opdracht van de vereniging. Het boek dat rijkelijk geïllustreerd is, biedt een uitstekend overzicht van 90 jaar verenigingsgeschiedenis met alle onvermijdelijke ups en downs in al die jaren. In feite een unieke uitgave!

In de praktijk echter blijkt dat de interesse onder de leden bedroevend te noemen is: er is nauwelijks belangstelling voor deze uitgave! Iets wat zonder meer jammer te noemen is, gezien de kwaliteit van deze studie. Maar bovendien lijkt het me een financiële strop: een bijzondere en kostbare uitgave blijft in de verpakkingsdozen zitten. Toch een onjuiste en dure inschattingsfout gemaakt!?

2.Het Jubileumcongres.

In het kader van dit feestjaar werd er een taalkundig congres van Veldeke Limburg en de VLDN (Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde) georganiseerd. En met recht een jubileumcongres: Veldeke Limburg bestaat dan 90 jaar en de VLDN 40 jaar. De dag bood een programma met zeer interessante onderwerpen die op hoog niveau besproken werden door bekende taalkundigen. Veel aanwezigen moeten genoten hebben van de vaak verrassende analyses. De middag werd in het kader van de volkscultuur “speels” afgesloten door een zanggroep. Het niveau ervan was echter behoorlijk naïef: waarom toch ook nu weer zoveel “volks” en zo weinig “cultuur”??

Vergelijken we dit congres met het laatste gemeenschappelijke congres in Rolduc (2001!!), dan valt op dat er, in 2016, een derde belangrijke euregionale partner, het LVR-Institut für Landeskunde und Regionalgeschichte uit Bonn, nu niet aanwezig was, want niet uitgenodigd. Een alleszins gemiste kans!!

3.Congres rond het Limburgse Woordenboek.

In december 2016 vond er in Venlo een buitengewoon interessant congres plaats rond de digitalisering van het Woordenboek van de Limburgse dialecten. Een welgevulde studiedag waarop allerlei facetten ter sprake kwamen rond de problematiek bij het opzetten van een woordenboek in een plaatselijk dialect. Op duidelijke en intrigerende wijze werden (basis-) problemen belicht, geanalyseerd en werden duidelijke adviezen gegeven hoe het een en ander te vermijden of op te lossen. Een zeer boeiende dag!!

Maar ook nu kom je weer dezelfde mensen tegen die je ook op andere congressen ontmoet. Juist diegenen die als amateur zich bezig houden met woordenboeken of –lijsten ontbreken op dergelijke bijeenkomsten. Het zijn nou net diegenen die deze informatie broodnodig hebben willen ze uiteindelijk een serieuze bijdrage kunnen leveren aan het hedendaagse Limburgs. Het is daarbij verheugend te constateren dat bepaalde Veldeke-kringen vrijwel steeds aanwezig zijn (o.a. de Kring Echt), terwijl andere daarentegen helaas nooit enige blijk van belangstelling geven.

4.Standaardwerk over literatuur.

Geen onderdeel van het jaarprogramma, maar toch een heel bijzondere uitgave! Het LGOG (Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap) heeft een standaardwerk laten verschijnen onder de titel Geschiedenis van de literatuur in Limburg, onder redactie van Lou Spronck, Ben van Melick en Wiel Kusters. Een boek waarop we lang hebben gewacht! Het geeft een indrukwekkend overzicht van alle Limburgse auteurs of ze nu in het Limburgs schrijven of juist in het Nederlands. Deze studie zou eigenlijk bij niemand die geïnteresseerd is in cultuur mogen ontbreken!

5.Psalmvertalingen.

Begin april van dit jaar verscheen een “hertaling” van psalmen en het Hooglied, geschreven in het dialect van Nuth, van de hand van Colla Bemelmans onder de titel Ouw leedjes vuur noe. Colla noemt zichzelf “ ‘ne waesje”, en dat is in zijn werk duidelijk te merken: vanuit zijn optiek worden de teksten op eigen-wijze benaderd en geïnterpreteerd. Een absolute aanrader!

Helaas duidelijk minder aandacht kreeg de psalmvertaling van de benedictijn Jan Smeets. Een polyglot, want hij beheerst maar liefst 11 talen, waaronder het Hebreeuws. En het is nu juist vanuit deze specifieke taalkennis dat hij de eerste 16 psalmen vertaald heeft in zijn moedertaal: het Roermonds. Deze uitgave is verkrijgbaar via de Veldeke Kring Roermond.

Deze vertaling kan bovendien gezien worden als een verrijking van de positie van het dialect in het algemeen: vertalen op hoog niveau in je eigen streektaal!

Het valt op dat er in dit jubileumjaar naast alle belangstelling voor de literaire aspecten van onze streektaal nergens gesproken wordt over de specifieke taalkundige kant van onze taal. Het lijkt erop dat daarvoor beleidsmatig weinig of geen belangstelling bestaat. Vergeten daarbij wordt dat de basis voor het taalbehoud dan wel heel erg smal wordt, want echte kennis van o.a. taalkunde en klankleer ontbreekt dan ten enenmale!

In onze volgende column zullen we hier nader op ingaan.

F.W. (april 2017)

Bron : sittard-geleen.nieuws.nl

Deel deze pagina:
    Lees ook:
    SJRIEFWIEZER
    Wilt geer gaer goud Zittesj sjrieve, numt dan
    kóntak op mit De Willy Dols Stichting, die
    hulp uch mit alle plezeier op waeg.

    Gaot nao De Sjriefwiezer es ‘t goud Zittesj mót zeen. De Willy Dols Stichting hulp uch gratis op waeg nao ‘n modern Zittesje sjriefwies.

    De Sjriefwiezer!
    Es ‘t óm de richtige Zittesje sjpelling geit!
    De Willy Dols Stichting
    Es ‘t óm taal en teks in ‘t Zittesj geit.......

    En womit zouwe veer uch kènne helpe ?
    Dènk èns aan 'n teks van :
    'n trouwkaart
    'n gebäörtekaertje
    'n gedachtenisprèntje (dodeprèntje)
    'n program(-ma) buikske
    'ne breif
    'n gedich/ 'n leidje
    'n verhaol

    Höbt geer vraoge euver 't ein of anger, num dan gerös kóntak mit ós op via de e-mail of bel (046) 4517203
    Steuntje
    Hulp neudig bie 't sjrieve van 'n songtekst, gedich of sms'je in 't Limburgs? Dees basistips kènt me toepasse op de meiste Limburgse dialekte.

    Download hie 't Steuntje es PDF »
    Deze website is mede gefinancierd door: